(Parool) Dode Lente 2.0

Dode Lente 2.0

Stel je eens voor: boven Den Haag ziet het zwart van de vogels, reusachtige zwermen eenden en zwanen  blokkeren het luchtruim boven Schiphol en tienduizenden andere angry birds zijn vanuit het hele land onderweg naar het Malieveld.

“Wij pikken het niet meer!” klinkt het uit de snavels.

 Een grutto, speciaal voor de demonstratie uit zijn winterverblijf in Senegal teruggevlogen, licht toe: “Ja, wij vogels laten onze stem horen, voordat  die zo zwak is  dat niemand ons meer hoort!”

Een bekakte buizerd legt het nog maar eens uit: “Kijk, beste man, ik zit boven in de voedselpiramide en als de basis verzwakt, stort het hele bouwwerk in…”

Insecten laten weten ook actie te willen voeren. Kunnen zulke kleine beestjes wel een vuist  maken? Een koolwitje desgevraagd: “Nou, als de tijgermuggen, hoornaars, eikenprocessierupsen, bombardeerkevers en killerbees meedoen, moet dat toch lukken! Maar misschien zijn we al met te weinig...” 

Ja, stel je voor…

Helaas doen vogels en insecten dit niet. Die verdwijnen in stilte. Die zijn er opeens niet meer.

 

 

Toen tijdens de lockdown afgelopen voorjaar de vliegtuigen zwijgend aan de grond stonden,  het autoverkeer aanzienlijk was uitgedund en Nederland even een groot stiltegebied leek, viel het veel mensen op hoe warm en gezellig vogelgezang klinkt. Bijna zestig jaar geleden waarschuwde Rachel Carson  in haar boek Silent Spring  (Dode Lente) voor het verdwijnen van dit lieflijke lentelawaai, want overmatig gebruik van insecticiden (DDT) zou de vogels uitroeien. Dat was zestig jaar geleden, maar gelukkig zingen er nog steeds vogels in onze tuinen. Sterker nog, woonwijken behoren tegenwoordig tot de gebieden met de grootste rijkdom aan vogelsoorten.

Niks Dode Lente dus? Misplaatst alarmisme? Was het maar zo. De vogeldiversiteit in steden is relatief groot, omdat het er daarbuiten zo slecht mee gesteld is.

 

Laatst bleek dat er veel stiltegebieden verdwijnen omdat provinciale overheden niet in staat zijn een maximaal geluidsniveau te garanderen. Zo werden In Noord-Holland de polder Uitgeestermeer en het Alkmaardermeer geschrapt als stiltegebied omdat de geluidsoverlast door Schiphol te groot was geworden. En zoals bekend krijgt de luchtvaart altijd voorrang.

Maar er zijn op het Nederlandse platteland de afgelopen jaren ook  heel veel stiltegebieden bijgekomen. Verkeerde stiltegebieden welteverstaan. Door de industriële werkwijze van de grootschalige landbouw loopt de weidevogelstand zo hard achteruit dat de door Rachel Carson  voorspelde nachtmerrie daar al deels werkelijkheid is geworden. Zo is de eindeloze stroom rond elkaar kringelende tonen van de veldleeuwerik  hoog in de lucht al vrijwel geheel verstomd. Lees het Sovon-rapport Boerenlandvogelbalans 2020 en je kunt ongeveer uitrekenen wanneer er slechts nog menselijke geluiden op het platteland te horen zullen zijn. Tractoren, maar geen kieviten. Vliegtuigen, maar  geen grutto’s…

Een dood platteland, een stiltewoestijn. 

 

Let wel, het gaat hier niet over natuurgebieden (die ook lijden onder de landbouwindustrie), nee, het gaat over akker- en weidegebieden, over de helft van het Nederlandse landoppervlak. In een poging de trend te keren hebben provincies, boerenorganisaties en natuurbeschermers het Plan Grutto ontwikkeld. De situatie is zo urgent dat zelfs het CDA zich nu actief voor weidevogels inzet.

Minister Schouten heeft toegezegd met het plan aan de slag te gaan. Voor de weidevogels is dit echt de laatste strohalm. En voor veel boeren misschien ook wel. Als de minister haar voortdurend beleden visie op kringlooplandbouw nu opnieuw niet serieus in de praktijk brengt en niet volop inzet op een ‘verdienmodel’ voor boer én weidevogel, dan is het voorbij met de grutto, tureluur  en al die andere ‘herrieschoppers’ op ons platteland. Dan verwordt de helft van Nederland tot zo’n verkeerd stiltegebied.

Vóór de verwoestijning krioelde het boerenland van vogelleven. Afgelopen voorjaar hoorde ik voor het eerst in jaren weer een veldleeuwerik zingen. In de Bovenkerkerpolder vlak onder Amsterdam, waar weidevogels al langer iets meer ruimte wordt gegund. Hoog boven me zag ik het stipje. Het was of er een gaatje in de hemel zat waardoor vergeten klanken omlaag sijpelden.